Na WO II herstelde De Panne zich vrij snel van zijn oorlogsschade maar met de duinen ging het langzamer. Wel komen er nieuwe elementen: oorlogsschade , wetgeving omtrent stedenbouw, en inschakelen van natuurgebieden voor toerisme.
Gelukkig had de NV. Westhoek lood in zijn vleugels. Pas midden omstreeks 1955 kwam plots een nieuwe uitbreiding met de verkaveling van de “Kleine Westhoek” (de Ernest d’Arripewijk). Rond de jaren 60 nam de Staat natuurbeschermingsmaatregelen (aankoop Westhoekreservaat en Gewestplannen met “Groene Zones”). Tijdens het 20 jaar naoorlogs burgermeesterschap van Oscar Gevaert veranderde er weinig tot in 1965 Raf Versteele verkozenen werd. Hij brengt terug dynamiek in het 30 jaar slapend beleid o.a. door het doorduwen van een BPA voor de nog resterende bebouwbare duinen van de “Grote Westhoek”

Zeedijk ter hoogte van vroeger restaurant

Oostkant Zeedijk
Van den oorlog naar de Golden Sixties (periode 1940-1969)
Zoals gedurende WO I werd de gemeente De Panne ook relatief weinig gebombardeerd gedurende WO II. Ons erfgoed (o.a. mooie Zeedijk) heeft deze oorlog ook vrij goed overleefd. Erger was het gesteld met onze duinen ingevolge de bouw van de Atlantikwal en de achterliggende kustverdediging. Een meer dan 3 m hoge betonnen antitank-muur was gebouwd vanaf het Vissersdorp (waar nu een knik in de duinvoetversteviging “de kaap” genoemd) tot aan het oostelijk einde van de Zeedijk (Canadezenplein). Alleen aan “de kaap” is het bovenste gedeelte nog zichtbaar. Op de bovenkant van de muur werd vroeger gewandeld maar nu is deze quasi volledig ondergewaaid mede ingevolge de voorliggende duinvoetversteviging (in de volksmond nog altijd de “muur” genoemd).

Antitankmuur ter hoogte van Hotel du Kursaal

Antitank muur ter hoogte van het Vissersdorp (3m diep)
In het centrum werd de muur gevormd door het toemetselen van de gelijkvloerse verdieping en door muren of obstakels in de zijstraten (voor de sfeer zie 2 foto’s hierboven). Verder oostwaarts (waar nu nog Camping Zeepark en verder vòòr het nieuwe appartementencomplex het Zilt) was er geen muur maar naar ’t schijnt een antitank valkuil van 5 m breed en 2,5 m diep (gecamoufleerd door te bedekken met een dunne betonnen vloer met bovenop duinvegetatie) . Daar was de Zone Niklas. Aan de grens met Frankrijk waren er ook 2 bunkerzones, vandaar dat er ginds geen nood was om de “muur” door te trekken tot aan de grens.

Net als voor WO I is er hier geen ruimte om gedetailleerd uit te weiden over deze oorlog maar afgezien van enkele sfeerbeelden verwijzen we naar eerdere artikels verschenen in DE BLIEDEMAKER zoals:
– Verzamelreeks “Oorlogsherinneringen 1944 ” Lees>>>
(gepubliceerd in 2006 met linken en getuigenissen van Pannenoars)
– Operatie Dynamo Lees>>> (hopelijk is er tijd om een meer uitgebreid artikel te maken voor de herdenking 75 jaar eind mei)
– Bombardement 1943 Lees onderaan>>>
– bombardement 1944 Lees>>>
– Lees ook hfdst. “1940-45 Bombardementen door Duitse leger in de PANNETHEEK>>>
En natuurlijk kunnen we niet anders dan verwijzen naar het boek van Hans Berquin waar Jacques Bauwens een mooi gedocumenteerd hfdst. geschreven heeft Lees>>>

Tijdens Operatie Dynamo (mei 1940)

Na Operatie Dynamo
Op het einde van de WOII waren ongeveer 5.000 soldaten in De Panne verdeeld over 30 hotels. Vooral op het einde van de oorlog in 1943 werd koortsachtig verder gebouwd aan de Atlantikwal onder bevel van veldmaarschalk Rommel. (“put en stake” noemde men deze werken)

Duinenschade ten westen van de huidige Esplanade. Einde WO II
Na de oorlog waren de duinen zwaar gehavend: gedynamiteerde bunkers verbonden met “onderaardse gangen”, vergeten munitie, verwoest wapentuig en 2 Freya’s (=radars). Een triste erfenis, maar zeer geapprecieerd door spelende kinderen Lees “De kleine en de grote duinen” uit de jeugd van Noël Hoste>>>>.
Ook ingevolge de 2 bunkerafbraak-campagnes rond 1960 en in 1970 werden de zeereepduinen,-maar nu 20 à 30 jaar later- nogmaals zeer zwaar verminkt. Men hoopte die zware kosten aan te rekenen aan Duitsland als “oorlogsschade”.

Een gecontroleerde ontploffing van een bunker voor afbraak. Foto: Jean-Paul Samyn
Veel van het afbraakpuin werd weggemoffeld onder de duinvoetversteviging aangelegd in 1970. De huidige generatie ingenieurs van de “Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust” (=MDK) trachten de “harde zeeweringen” te vermijden en opteren nu volop voor de “zachte technieken” van zandsuppletie op het strand. Zij hebben deze dijk niet meer nodig en zullen die niet meer onderhouden. Men noemt de huidige “wandeldijk” een “historische vergissing”. lees>>>>
Wat betreft de “Grote Westhoek” heeft de NV-Westhoek meermaals geprobeerd om tot een volledige declassering van de 550 ha te komen. Een eerste poging geschiede in 1948. Men eiste het herstel door de Staat van alle oorlogsverwoestingen, opruiming van de bunkers , de aanleg van een brede staatsweg naar Frankrijk (een oude droom), een vliegveldje en een spooraansluiting juist achter het Calmeynbos met een station dichtbij het huidig rond punt van de Esplanade). Ook wilde men toelating voor villabouw in het Calmeynbos langs de baan naar Adinkerke. Minister Huysmans antwoordde evenwel dat de bescherming strik behouden moet blijven. Het gevolg was dat vanaf 1950 de toeristen de toegang tot ALLE Calmeynduinen ontzegd werden (Westhoekduinen, Calmeynbos en ook Oosthoekduinen. Niet Ollevier-Houtsaegerduinen). (De spelende kinderen hielden zich maar gedeeltelijk aan dat verbod, maar hadden wel veel schrik om de boswachter Georges Tournez tegen te komen).
In deze periode protest van de gemeente en de “Koninklijke Commisie voor Monumenten en Landschappen” die nogmaals aandrongen bij de minister opdat de Staat alle geklasseerde Calmeynduinen zou opkopen Als antwoord kreeg de Commisie opdracht tot een aankoopvoorstel.
Het laatste voorstel van het Ministerie van Financiën betrof een aankoop van 350 ha met als toegeving het “opheffing van het klasseringsbesluit voor de resterende duinen”. De “Koninklijke Commisie van Monumenten en Landschappen” werd om advies gevraagd en vond dit een spijtige zaak. Maar ingevolge besparingen van regeringswege en te hoge eisen van de NV Westhoek werd er niet verder meer over gesproken.
Ondertussen had de men de hoop opgegeven op een uitbreiding van de badplaats in de “Groten Westhoek”. Men opteerde eerder voor een uitbreiding in oostelijke richting maar het gemeentebestuur vond dat de badplaats nog over voldoende bouwgronden beschikte voor de komende 25 jaar. Ze hadden alleen maar schrik dat de NV. Westhoek het Calmeynbos langs de baan naar Adinkerke zou bebouwen met villa’s. Dat was mogelijk met het beschermingsbesluit van 1935/40. Vandaar dat gemeente begin van de jaren 50 deze gronden geleidelijk wou aankopen, met toelagen, om dit bos te behouden als wandelgebied voor de inwoners en toeristen.

Plan zonder datum (1950?) of architect met station en verbindingswegen De Panne-Baaltje. Villabouw op baan naar Adinkerke
Een urbanist ir. Deleye uit Koksijde krijgt in deze periode opdracht van de gemeente om een ontwerp van een eigen plan van aanleg op te maken ter confrontatie van de diverse ontwerpen van architect Alexis Dumont in opdracht van NV Westhoek. Ir. Deleye kwam met een volledig nieuw ontwerp voor de proppen met nadruk op de Ollevier-Houtsaegerduinen. Hij stelde een hoefijzervorminge grote baan voor van 100 m breedte die De Panne volledig zou omsluiten. (vertrekkend van de Koninklijke Baan ter hoogte van de huidige inrit camping Zeepark, dwars door de Houtsaegerduinen, over de Veurnestraat en via een grote bocht door het Calmeynbos om aan te sluiten op de Duinkerkelaan). Van dit project is hier nog geen exact plan beschikbaar maar wel de felle kritiek van de NV. Westhoek via hun architect en aandeelhouder Alexis Dumont (1952). Lees in ’t Frans>>>
Deze ringbaan werd verkeerdelijk “Groene Gordel” genoemd. De 2 rijvakken zouden 75 m ver van elkaar liggen zodat tussenin een aanéénschakeling van “toeristische pareltjes” zou kunnen gerealisseerd worden (vb parkings, parken, speelterreinen en sportclubs, mini-golf enz..). Dit stuitte op hevig verzet van de diverse grondeigenaars. Deze ringweg zou immers ongeveer 33 ha uit de NV. Westhoek wegsnijden en 12 ha uit de duinen van de familie Ollevier Houtsaeger. Dus 45 ha in het totaal. Andere redenen waren dat men de Franse toeristen niet rond De Panne mocht afleiden maar integendeel juist naar het centrum moest sturen (waar hebben we dat nog gehoord?). Ir. Deleye wou het verkeer buitenhouden om aldus de bestaande karakter van de site te bewaren met zijn duinreliëf en typische cottages.
(Lees o.a. “Waarheen met de Koninklijke Baan”>>>>)

In 1912 had de staat beloofd de “Grote Westhoek” integraal te kopen. In 1954 komt de ezelsdracht van exact 40 jaar tot zijn einde. Meerdere terreinen konden nu voor een belachelijk lage prijs aangekocht worden en werden samengevoegd (337 ha Grote Westhoek; de hoogstrandzone, zandgroeve van de Fransooshill) zodat op 29 augustus 1957 het nominaal staatsnatuurreservaat DE WESTHOEK (340 ha) werd opgericht. (dus 3,5 keer zo groot als de Westhoekverkaveling later). Dit was het eerste publieke natuurreservaat in het Vlaams landsgedeelte, zusterlijk verbonden met het net iets vroeger aangewezen natuurreservaat van de Hoge Venen. De 50 jarige herdenking werd uitgebreid gevierd in De Panne.
Lees verslag + link naar samenvatting in bijlage>>>>


Gewestplan (huidige situatie)

Krakeelduinen + Calmeynbos-West
In het begin van de jaren 60 kwam het begrip “Groene Zone” in voege. Het maatschappelijk bewustzijn van het belang van natuurbescherming kwam voor het eerst volop op gang. Dit consolideerde zich in 1962 tot de officiële GEWESTPLANNEN. Zo werden veel duinen als “Natuurgebied” ingekleurd: Krakeelduinen, Calmeynbos, Oosthoekduinen, Ollevier-Houtsaegerduinen. De camping Zeepark wordt recreatiegebied, het huidige Zilt wordt bouwzone en een terrein hiertussen en de camping werd groenzone. In 1964 wordt het BPA Calmeynbos door de gemeente opgemaakt zodanig dat er een bouwverbod op komt (behalve voor waterwinningsinfrastructuur). Vandaar dat in 1966 de watermaatschappij IWVA in de Krakeelduinen (52 ha) en het Calmeynbos-West (46 ha) opkocht om te exploiteren als waterwinningsgebied. Dus totaal een 100-tal ha (even groot als de Westhoekvrkaveling later). De gemeente was dus nu gerust dat het Calmeynbos veilig was tegen bebouwing
Rond de dorpskom van De Panne is in de periode 1940-1955 weinig uitbreiding gekomen naar de duinen toe. Alleen vanaf de jaren 50 dat er aan de randen van De Panne Bad kleine uitbreidingen gebeurden op duingrond vooral ingevolge aaneengesloten eengezinswoningen gebouwd: vb Prins Albertlaan, Elisabethlaan, Duinenstraat, Westhoeklaan enz….
Het is pas in de tweede helft van de jaren 50 dat we in een derde grote expansie kennen enerzijds door de opkomst van het “buildings” op de Zeedijk en anderzijds door de invulling van de “Kleine Westhoek”.
De NV Westhoek had geld nodig om te gemoed te komen aan het ongeduld van hun venoten en lanceerden 2 grote verkopen in de “Kleine Westhoek”.

Openbare verkoop 1955

Verkoop d’Arripe kwartier. Bron: Boek “In het zand Geschreven”
In 1955 gebeurde de openbare verkoop van duinen tussen de paterskerk en het strand, via openbare verkoop van 7 percelen. In 1996 is er een tweede monsterverkoop uit de hand van praktisch alle meestal braakliggende percelen tussen de d’Arippelaan, de Esplanade en het strand (zie foto hierboven). Zeer snel wordt deze wijk volgebouwd.
Deze d’Arripewijk dateert dus grotendeels van na 1955 en mag zeker niet vergeleken worden met de Dumontwijk ten oosten van de Witte Berglaan die dateerd van vòòr 1914. Alleen het stratenpatroon van de d’Arripewijk werd geïnspireerd door de Dumontverkaveling.
Maar het grootste effect van die 3de grote expansie vanaf ongeveer 1955 was het versneld afbreken van onze mooie gevels op de Zeedijk om “buildings” in de plaats te bouwen. (8 verdiepingen + liftkotje dat snel uitgroeide tot een “technisch verdiep” normaal niet zichtbaar vanaf de grond). Deze metamorfose naar een nieuwe betonnen Atlanticwal voltrok zich zeer snel (na een 10-tal jaren was 3/4 afgebroken). Zo werd het “Grand Hotel de kl’Océan” afgebroken in 1961.
De “Golden Sixties” begonnen dus wat vroeger in De Panne voor de eigenaars, promotoren en “agences”. Het verhuren van appartementen in privaathuizen verschoof in korte tijd van de Houtsaegerwijk en andere woonstraten naar de Zeedijk. De vele bordjes van “Appartement garni à louer” verdwijnen uit het straatbeeld en de Pannenoars hoefden in het seizoen niet meer in de kelder of de garage te slapen.


Hotel l’Océan
Om een beeld te vormen hoe de Zeedijk was vòòr 1955 surf naar:
De Panne Zeedijk (Deel 1 – West)>>>
De Panne Zeedijk (Deel 2 – Oost)>>>
Het gedeelte tussen de “Witte Berg” en Pannekalsijde is verkocht maar daar wordt nog niet gebouwd want dit gebied moet grondig ontbunkerd worden en zal in het later BPA A1 van de Westhoek opgenomen worden (1970).. Alleen het monument van Leopold I wordt in 1958 ingehuldigd. De koning stond daar 14 jaar troosteloos te kijken midden in een verwoest duingebied (weliswaar dan nog met zwaard). Hij heeft dan de “verkaveling Versteele” zien uit de grond reizen. Zie volgend artikel
Lees meer over het monument>>>>>

Eenzame koning. Aanleg van de Dynastielaan (1972) met achterliggend de “Romeinse Vlalte”
In het kader van de “Groene Gordel” rond De Panne kunnen we dus stellen dat voor de wandelaar weinig veranderd was in oppervlakte van de duinen. Wel veel schade tijdens de oorlog en veel later door de 2 opruimcampagnes.
We konden in de jaren 60 nog mooie wandelingen maken via onze “Groene Gordel” maar we moeten regelmatig eens een overtreding doen. In deze periode zijn alle duinen van De Panne gesloten voor het publiek. Zowel het Natuurrervaat De Westhoek, de Calmeynduinen, het IWVA bos, de Oosthoekduinen als de Ollevier-Houtsaegerduinen zijn afgezet door hun respectievelijke eigenaars met veel bordjes “Privaat – Verboden toegang”. Alleen aan het grenspad is een corridor voorzien van een 100 tal meters om van De Mol naar de bunkers op het strand te kunnen. Ook door het Strand Motel kunnen we doorwandelen naar zee. De Camping Zeepark is ook afgesloten.Veel van die afsluitingen zijn gelukkig slecht onderhouden en eerder symbolisch, vandaar dat menig Pannenoar overal vrij doorwandelde in wat ze “hun duinen” noemden. Er waren nog geen recreatieve wandelpaden. Het eerste “Natuurbeheerplan Westhoekduinen” is slechts opgesteld in 1995.
De “Romeinse Vlakte” had zich aanzienlijk in oppervlakte uitgebreid (zie de teloorgang in een volgend nummer).
De “Houtsaegerduinen” bestonden nog uit reliëfvolle “blanke duinen” (foto hieronder). Door de buildingmuur op de Zeedijk was de aanvoer van vers zand reeds sterk verminderd. Menig Pannenoar wandelde van de Marktlaan naar het Vlierhof (nu Delvauxmuseum) of Siska in Baaltje.
Heden ten dage zijn overal veel afsluitingen wat zeker niet strookt met de inzet van Natuurschoon en de Commissie van Monumenten en Landschappen die destijds “gevochten” hebben om ons uniek landschap maximaal open te stellen voor de toerist.

Houtsaegerduinen vanuit Panne Baaltje rond de jaren 50
Oproep: Pannenoars die opmerkingen, correcties of aanvullingen hebben, gelieve die door te mailen naar jose@decoussemaeker.be . Zo kan ik mijn tekst eventueel aanpassen.
DANK U
In volgend nummer: het BPA A1 De Westhoek.





Het begint nog interessanter te worden