
De koninklijke familie heeft veel uitstaans met De Panne. Iedereen heeft gehoord van de “Koninklijke Villa’s” waar koning Albert en koningin Elisabeth het grootste gedeelte van de wereldoorlog I verbleven hebben. Minder bekend is over hun zoon prins Leopold III in onze gemeente. En nog minder bekend is de grote beslissingen die koning Leopold III hier genomen heeft op de vooravond van WO II.
Vlug een opfrissing in het kader van de “Herdenking van het honderste verjaardag van de incorporatie van ZKH Leopold III bij het 12de Linie in De Panne” welke doorgaat op donderdag 9 april 2015.

Dan organiseert het Bataljon 12de Linie Prins Leopold – 13de Linie een herdenkingsplechtigheid. Het is dan precies 100 jaar geleden dat Koning Albert I zijn zoon, de Prins Leopold aan het 12de Linie voorstelde. Het 12de Linie werd destijds door de Koning gekozen omdat het Regiment zich had onderscheiden door zijn moed tijdens de laatste veldtocht in 1914.
In aanwezigheid van een vertegenwoordiger van ZM de Koning en talrijke burger- en militaire autoriteiten, zal tijdens deze herdenking er ook de gelegenheid zijn om onze nieuwe rekruten te incorporeren bij het 12de Linie Prins Leopold – 13de Linie Bataljon. Zij zijn erin geslaagd om hun gespecialiseerde opleiding tot een goed einde te brengen en zullen de baret van het Bataljon ontvangen.

Meer over de koning Leopold III op de website van Jacqueline Vandenhende Lees>>>
1. PRINS LEOPOLD EN WERELDOORLOG I in De Panne:
Prins Leopold III was goed thuis in De Panne als gevolg van zijn jeugdjaren alhier. Onderstaande gedenksteen werd plechtig ingemetseld in de “afspanning L’Alliance” waar de prins Leopold I op 17 juli 1831 ontvangen werd (nu start Leopoldfeesten?).

Na nieuwjaar 1915 hernam de jonge Leopold zijn studies in De Panne waaronder het aanleren van het Nederlands. Hiervoor deed de Koning beroep op Camille Notredaeme, hoofdonderwijzer van de St-Lodewijkschool in de Panne. Hij had al eerder de talenkennis van de Koningin bijgewerkt zodat zij zeer vlug met iedere Vlaming kon babbelen zowel in het Nederlands als in het dialect van West-Vlaanderen.
Over het onderwijs dat Leopold kreeg zegt de onderwijzer het volgende: “Ik volgde dezelfde methode als voor de Koningin: ik leerde hem de voornaamste regels uit de spraakleer en we pasten ze toe door lees- en spraakoeleningen: De lessen werden gegeven in de villa van baron de Terschueren. Na elke les kreeg de Prins een huiswerk. Als het weer het toeliet maakte hij graag een wandeling in de duinen en de velden. Dan onderhielden we ons heel ongedwongen over alles wat we zagen in de mooie natuur. Op die momenten kon ik vaststellen hoezeer de Prins in alles geïnteresseerd was. Hij wilde alles weten en het was een genoegen met hem te spreken over de wonderen van de schepping. Koning Albert vond, niettegenstaande zijn drukke bezigheden, regelmatig de tijd om een of andere les bij te wonen en de vooruitgang van de Prins vast te stellen. Hij hield eraan dat de Prins zijn huistaken stipt vervulde en ik ben gelukkig te mogen getuigen dat mijn leerling een begaafd student was met een zeer goed geheugen. Hij slaagde erin zich de veelvuldige schakeringen van een toch wel moeilijke taal eigen te maken.’
Niettegenstaande zijn studies vervulde de jonge Leopold toch ook zijn dienstplicht. Zijn eerste contacten met soldaten waren zijn bezoeken aan de gekwetsten samen met zijn moeder. Hij bewonderde haar handigheid en zijn eerste ervaringen bij het leger zijn hem steeds levendig bijgebleven.
“..Mijn vader had een van zijn vleugeladjudanten, commandant Preudhomme, de opdracht gegeven zich met mij bezig te houden na mijn studie-uren. Samen met hem of met rijkswachter Guillaume maakten we lange wandelingen te voet of per velo; ik trachtte zo dicht mogelijk bij het front dat op slechts 15 km van De Panne lag te geraken maar mijn begeleider, in opdracht van mijn vader, vermeed de gebombardeerde streken. De commandant moest mij ook de organisatie van het leger doen kennen en hij maakte gebruik van elk bezoek aan een eenheid op rust om mij de samenstelling van elke divisie en de namen van de generaals en korpsoversten te doen kennen. Het gebeurde dat mijn vader mij hierover ondervroeg. Mijn vader sprak mij nooit rechtstreeks over zijn beleid maar ik was aanwezig bij de dagelijkse gesprekken die hij had met zijn militaire raadgever tijdens het ontbijt dat we steeds met drie samen gebruikten. Commandant Galet bracht verslag uit over de voorbije gebeurtenissen: resultaten van de patroeljes, het aantal gesneuvelden, gewonden of vermisten.
Mijn vader besluit mij in te schrijven “in het gevolg” van het 12e linieregiment want dit Luikse regiment had de meeste vermeldingen op de dagorde van het leger verdiend. Op dat ogenblik was kolonel Van Rolleghem bevelvoerder, een energiek officier, steeds dicht bij zijn manschappen. Op 05 april 1915 stelt mijn vader mij dus voor aan het regiment in vierkant opgesteld op het strand van De Panne, bij laagwater. Ik werd toegewezen aan het 1ste peloton van de 4de compagnie.
Wanneer ze op rust was zou ik aan de oefeningen deelnemen: zwenking met gesloten rangen; oprukken met afwisseling van vuur en beweging en oefenlopen. Ik ben nog steeds fier 20 km gemarcheerd te hebben met mantel, rugzak en geweer. Ik was 14! Al marcherend zongen we “la MadeIon”. Dit vertrouwd maken met het militaire leven nam een einde in augustus 1915 om maar bij gelegenheid hernomen te worden gedurende mijn schoolvakanties in De Panne. Mijn vader had mij immers ingeschreven in het College van Eton en vooruitziend als hij was had hij een leerling van Eton uitgenodigd om mij wegwijs te maken in de geplogenheden van die school. Graham was 18 en gedurende een maand friste ik met hem mijn Engels op. Weinig later sneuvelde hij op het front van de Somme.”
Bij de voorstelling van Leopold aan zijn regiment nam koning Albert aldus het woord:
“…Ik heb u hier vandaag samengebracht om u mijn jonge zoon voor te stellen. Als ik het 12e linie regiment gekozen heb om hem het omgaan met wapens aan te leren dan is dat omdat dit regiment zich bijzonder moedig gedragen heeft in de voorbije gevechten. De prinsen moeten zo vroeg mogelijk opgevoed worden in de school van de plicht en er is geen betere dan een leger als het onze dat een heldhaftige verpersoonlijking is van de Natie. Mijn zoon voelt zich vereerd het uniform van onze soldaten te mogen dragen. Hij zal zich fier voelen te behoren tot een regiment waarvan de daden van moed en toewijding aan het Vaderland een glorievolle bladzijde vormen van onze nationale geschiedenis.”
Na de plechtigheid defileert het regiment voor de Koning, de Koningin en de minister van Oorlog met prins Leopold op zijn plaats. “Leopold moet de oefeningen meedoen zoals iedereen“, had de Koning aan de korpsoverste gezegd, “dezelfde taken als zijn kameraden en dezelfde karweien. Doe hem loopgrachten graven zodat hij weet wat het is “blaren” in zijn handen te hebben.”
Leopold aanvaardt alle verplichtingen. Elke dag is hij present in zijn eenheid, hij vult er een vijftigtal zandzakjes om de steunmuren van de loopgrachten te verstevigen. Zij zijn echter zo zwaar dat hij soms struikelt en valt. En als men hem influistert van de zakjes maar half te vullen zegt hij “neen, ik wil mijn plicht doen zoals iedereen“. Na de karwei “zak” doet hij de turnoefeningen, het hanteren van de wapens, de gevechtsoefeningen, het werpen van offensieve en defensieve granaten en grondwerken.
Als de Prins in zijn regiment is neemt hij zijn maaltijden met zijn wapenmakkers en is hij niet vies van de stamppot klaargemaakt door de koks.
Op 04 mei gaat hij voor de eerste maal naar de loopgrachten in de sector van Pervijse. Hij zal nog dikwijls naar het front gaan, zelfs ’s nachts. Oververmoeid valt hij soms wel in slaap. Hij houdt eraan naar de voorposten te gaan samen met luitenant Davister. Hij gaat zelfs tot aan de “dodengang”. Men vertelt dat hij 15 cartouches naar de vijandelijke linies geschoten heeft. Er is ooit een obus gevallen dicht bij zijn schuilplaats maar helemaal niet bang is hij buiten de nog warme stukken gaan oprapen voor zijn persoonlijk museum. Hij was erg aangeslagen telkens hij de dood van soldaten of officieren van zijn eenheid vernam.
Na 6 maanden militaire opleiding stuurt koning Albert hem naar het college van Eton om zijn studies verder te zetten maar bij elke verlofperiode kwam hij terug naar De Panne en zocht hij regelmatig zijn 12e linieregiment op waaraan hij zijn hart verloren had.
Uit DE VETERAAN 2003; Jean Cleeremans (vertaling door Ere-aalmoezenier A. Janssen)
2. KONING LEOPOLD III EN WERELDOORLOG II in De Panne
Op 14 mei 1940 is koningin Elisabeth gevlucht vanuit haar villa Les Palmiers in het park van Laken naar villa Maskens in De Panne, waar Albert en Elisabeth ook in 1914-18 geresideerd hadden. Op 18 mei waren in het hotel Terlinck de meeste leden van de regering gevlucht. Ze boden een erbarmelijk spektakel van ontreddering. In de avond hield de regering in een bijna volledige duisternis haar laatste voltallige bijeenkomst in een kamer van het hotel alvorens ’s anderdaags van hier te vertrekken naar Sainte-Adresse (cf WO I). Op 19 mei kwam koning Leopold III in De Panne zijn moeder bezoeken. Tijdens het avondmaal deelde hij mee dat de opmars van de Duitsers niet meer te stuiten was en dat zijn besluit om hoe dan ook in België te blijven vast stond. In de duinen kon je gade slaan hoe Duinkerken in de vlammen opging.
De koning heeft dan een zeer rumoerige periode gehad met zijn ministers en verbleef hoofdzakelijk in het kasteel van Wijnendale. Maar mede dank zij De Man, die de koningin moest beschermen, zijn veel oorlogswendingen in die periode door koningin Elisabeth vanuit De Panne geïnspireerd. Zij had immers een zeer grote invloed op haar zoon.
Op 25 mei beslist de koning voor een definitieve breuk met zijn regering. De ministers hadden aangedrongen om samen met de geallieerden- Frankrijk en Groot-Britannia- samen de Duitsers te blijven bestrijden. De koning weigert en besluit het lot van zijn soldaten te delen. Hij beschouwt zich als krijgsgevangene en onthoudt zich van alle politieke activiteit.
Voor het uitgebreid relaas hierover en het verblijf van koningin Elisabeth in deze cruciale periode in De Panne LEES>>>
3. KONING LEOPOLD III EN NOTARIS PAUL SIMPELAERE
Na WO II was er een hechte vriendschapsband van onze notaris met de koning. Beide hebben expedities gedaan naar Nieuw Guinea. Hiervan getuigt de permanente tentoonstelling in de SCHARBILLIE. Lees>>>
Uittreksel van het programma voor donderdag:
11u30 : Inplaatstelling van het detachement op de Leopold I Esplanade.
11u40 : Verwelkoming van de autoriteiten.
12u30 : Einde van de plechtigheid
PANNESPROKKELS:
– Roland Florizoone begeleidt Noren tijdens de Driedaagse van De Panne-Koksijde


In de jaren ’80 verbleven er in De Panne Noorse ingenieurs die werkten aan een boorplatform in Duinkerke.
Eén van de dochters, Nina Handegaard, integreerde zich in het Panse verenigingsleven en met de Orde van de Beren werd zij een graag geziene gast. Zij trouwde zelfs met een Pannenaar die mee naar Noorwegen verhuisde. Ieder jaar brengt zij een bezoek aan haar geliefde De Panne en spreekt perfect Vlaams dialect.
Dit jaar bracht zij, n.a.v. de Driedaagse van De Panne-Koksijde, Ivar Thorsen uit Stavanger mee; hij is het opperste politiehoofd van Noorwegen en was geïnteresseerd in de koers en voornamelijk in de politionele begeleiding en beveiliging. Roland Florizoone, fervent wielerfanaat, begeleide hen in de Driedaagse en liet ze alle hoeken en geneugden van West-Vlaanderen zien, inclusief de streekbieren.
Toeval of niet: Kristoff won in De Panne 3 ritten en het eindklassement alsook de Ronde van Vlaanderen en de Scheldeprijs.
-Enkele beelden van de “Groene Gordel” wandeling van Paaszondag (door Caroline Melsens)







– In het verkiezingsprogramma van CD&V-plus staat:” ..Van de Markt kan een schitterend en verassend plein gemaakt worden. Mits grondige infrastructurele maatregelen kunnen de mogelijkheden van de markt geoptimaliseerd worden. Weinig badsteden kunnen beschikken over dergelijke open ruimte binnen het commerciële centrum, het is dan ook aan de gemeente om deze gigantische troef maximaal uit te spelen..“

Ook in het “Strategisch Meerjarenplan 2014-2019” is een “Herinrichting Markt” gepland in 2017 (budget: 400.000 €). In gemeenteraad van maart werd een deel van de begroting naar 2015 verschoven. Bedoeling zo snel mogelijk de “muur” af te breken.
Alhoewel de markt momenteel een gezellig pleintje is met druk bezochte terrassen kan alles nog verbeterend worden, ook de muur, fontein en frietkot (inc. rookafzuiging + ingang). Maar oppassen, niet zomaar 1 essentieel stuk afgebroken zonder dat dit past in een algemene VISIE. Het is niet omdat er een paar nadelen zijn (plaats voor podium bij optredens, geen plaats voor grotere ijspiste…) dat het dagelijks gebruik moet afgeschaft worden. Muur weg betekent veel banken want die muur wordt zeer frequent gebruikt door senioren, friet-eters, spelende kinderen…enz. Ook het verdwijnen van de achterliggende rij lindebomen zou het uitzicht en de gezelligheid drastisch veranderen.
Vandaar OK, maar eerst moet de “globale nieuwe visie” van het plein vastgelegd worden alvorens één van de werken vooruit te schuiven. Dus EERST ontwerper aanstellen en visie goedkeuren door gemeentebestuur en omwonenden. Dan pas bouwvergunning (verkorte methode zonder “openbaar onderzoek”?)
– Ieder jaar maakt DE BLIEDEMAKER hier reclame voor het jaarlijks concert ten voordele van het Woon- en Zorgcentrum (WZC) Sint-Bernardus. Dit jaar iets anders nl Italiaans Buffet. Om activiteiten voor de bewoners te helpen financieren en ook geregeld nog een aankoop te kunnen doen vragen zij u om zaterdag 18 april naar dit feest te komen. Wij gaan alvast!.
