De Bortier-Calmeyn duinen na de Eerste Wereldoorlog en dus na de aanplanting van het bos

De Panne is de enige van de 10 kustgemeenten die volledig omringd is door natuurgebieden, een echte “De Groene Gordel” (bekijk de vele mooie plannetjes>>>. Dat is niet zonder slag of stoot gegaan. (Lees de uitgebreide gedetailleerde geschiedenis van de “GROENE GORDEL>>>).
Al deze natuurgebieden zijn op natuurgebied zeer waardevol en hebben derhalve de hoogste graad van bescherming.
Het beste is nog om zelf dit gebied te ontdekken via de Groene Gordel Wandeling (3 artikels)>>>
Onze duinen, net als de zee en het strand, vormen een “uniek waardevol verkoops-potentieel” voor de De Panne dat veel meer zou moeten “vermarkt” worden. (alhoewel de laatste jaren felle verbetering o.a. door de provincie via Westtoer via de Duinpanne).
UNIEK omdat er nog weinig duinen overgebleven zijn aan onze kust en
WAARDEVOL omdat dit resterende duinenareaal zeer rijk is (vb meer dan 500 soorten hogere planten in het “VNR de Westhoek”!).
De resterende 3.800 ha duinen aan de kust (van de 6.000 ha anno 1900) zijn nu alle goed beschermd en dus blijvend! (uitgezonderd de zeereepduinen van Zeepark). Ook de aangrenzing met het grote natuurgebied ‘Flandre Maritime” van onze grens met Bray-Dunes tot Leffrinkhoeke maakt onze locatie zo bijzonder uniek. De Panne en Koksijde zijn de absolute koplopers aan de kust, met elk ca. 25 % van alle Vlaamse kustduinen. (De Panne 783 ha; Koksijde 804 ha). Het verschil met Koksijde is dat het grootste gedeelte van onze natuurgebieden een quasi aaneengesloten gebied vormen, dat doorloopt in Frankrijk, in tegenstelling met Koksijde waar de duinen uiteen vallen in verschillende niet aaneensluitende deelgebieden. Ook, in tegenstelling met Koksijde, zijn onze duinen quasi allemaal in het bezit van de overheid (gemeente De Panne, Aquaduin en de Vlaamse Gemeenschap (ANB)). Het is dan ook goed dat de Vlaamse overheden onze duinen in de toekomst zullen beheren en promoten als 1 groot natuurreservaat nl “VNR De Duinen en de Bossen van De Panne”. Spijtig dat de grensoverschrijding tot heden nog niet lukt (in tegenstelling met de Kalmthoutse heide nu het Grote gebied “Grenspark De Zoom – Kalmthoutse heide”). De “Camping du Perroquet” vormt hier een obstakel (maar wandeldoorgang vanuit Frankrijk is beloofd)

1. Er gebeurt weinig in het Interbellum
Na de Eerste Wereldoorlog bleef het een tijd stil rond de grote Calmeynduinen die zich uitstrekten vanaf de Franse grens tot aan den Oosthoek. Één eigendom van één grote groep mede-eigenaars, afstammelingen van de grote familie Bortier – Calmeyn.
Pas in 1922 heeft de “Stichting van Natuur en Stedenschoon” zich op hun congres te Brugge gebogen over de bescherming van de duinen. Men meende toen dat de staat die moest terugkopen. Op 25 maart 1925 heeft de “Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen” uiteindelijk de volledige oppervlakte van 640 ha Calmeynduinen op de lijst van “Te beschermen landschappen eerste klasse” geplaatst.
Op 7 augustus 1931 werd de eerste kaderwet voor de bescherming van landschappen gestemd.
De “Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen” dient vrij snel, op 19 mei 1932, bij de Minister van Wetenschappen en Kunsten het verzoek in om hun bescherming van de 640 ha te legaliseren. De gouverneur van West-Vlaanderen start het door de wet geëist openbaar onderzoek op 28 mei 1932. Dit was het eerste beschermingsproject in België van de nieuwe wet van 1931(later in 1957 was het Westhoekreservaat ook het eerste staatsnatuurreservaat tezamen met de Hoge Venen).

Intussen werd in 1927 onder leiding van Edmond Rahir meerdere weken in de zomer systematisch gezocht door middel van grootschalige opgravingen met toestemming van de familie Bortier-Calmeyn. Deze onderzoekingen van de Koninklijke Musea brachten veel internationale persaandacht bij, met als gevolg dat meerdere amateur “schattenjagers” naar De Panne afzakten. Hierdoor is door slechte opgravingsmethoden veel informatie verloren is gegaan. (In speciaal hfdst hierover in het boek “In het zand geschreven”.
Diezelfde E. Rahir deed veel lobbywerk op hoog politiek niveau. Hij publiceerde een 3 tal wijdverspreide boekjes om het grote publiek te sensibiliseren . Op 16 mei 1932 wordt een petitie gestuurd naar de senaat getekend door 5 senatoren om een “Nationaal Park De Panne” te creëren. In afwijking met “Natuur en Stedenschoon” dringt hij aan om een kleiner oppervlakte van slechts 250 ha aan te kopen omdat men vreest dat deze duinen binnenkort openbaar zullen verkocht worden.
Op 2 juli 1933 organiseren “La Société Royale Belge de Géographie” en “La Fédération Nationale pour la Défense de la Nature” een mémorable gidsbeurt in de Westhoekduinen. Een 25 tal notabelen (waaronder onze gloednieuwe burgemeester Dr. Abel De Wulf) hebben de ganse dag gewandeld (en goed gegeten in den Terlinck). Men heeft er het plan verdedigd van de “Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen”(zie hierboven). Dus men gebruikte de techniek die later burgemeester Raf Versteele ook herhaaldelijk zou hanteren: nl de politiekers uitnodigen voor een wandeling in situ. Het plan was een eerste grote compromis om het gebied “Grote Westhoek” (=Westhoekduinen + Calmeynbos (=550 ha), zonder Oosthoekduinen) op te delen in 2 zones. De gronden dichtst bij de bebouwde kom (310ha = 56%) zouden bouwzone worden voor villabouw en de westelijke helft dichst bij de grens (250ha = 44%) zou BESCHERMD natuurgebied moeten blijven. Het Calmeynbos werd niet als te beschermen voorgesteld maar mocht niet verkaveld worden. (Dus als we het oppervlakte van het bos aftrekken was het compromis ongeveer 50/50). Zeer opmerkelijk is dat men absoluut de tramlijn en de Koninklijke Baan naar Frankrijk wou doortrekken, zelfs door het beschermd gedeelte. Men moest wel de mooie grote “Dune Blanche” (begin van wat later de “Sahara” genoemd werd) en de “Camp des Romains” ontwijken door een grote bocht naar het zuiden (i.v.m.zandverstuiving). In de jaren 1933 is immers de kustbaan van Leopold II en de elektrificatie van de kusttram tot in De Panne geraakt. Het grootste bezwaar van E. Rahir was de visuele pollutie door de lelijke trampalen. Men dacht blijkbaar nog niet aan druk autoverkeer. Merk op dat in de volledige bouwzone reeds de schematische straten ingetekend waren (niet in het bos dat evenwel niet in als te beschermen wordt voorgedragen; men sprak ook niet over de Oosthoekduinen).

Mede onder invloed van de politieke druk en het lobbywerk van de toenmalige onverdeelde mede-eigenaars volgde uiteindelijk op 1 maart 1935 het eerste wettelijk klasseringsbesluit. De “Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen” had hiervoor zijn advies ingediend. (in tegenstelling met het latere “BPA Westhoek” waarbij soms beweerd wordt dat er dan geen advies binnengekomen was van de toenmalige “Monumenten en Landschappen”.


Op het plan van 1935 mocht een 3 x groter gebied bebouwd (310ha) worden dan in het latere KB “BPA Westhoek” van 1970 (110 ha)).
Er was slechts 240ha natuurgebied (vanaf 1957 is dit vergroot tot 340 ha nl. Westhoekreservaat ). Nog geen sprake van hoogbouw. De tram mocht ook door het 240 ha beschermd natuurgebied.
Bij een later gedetailleerd opmetingsplan voor de geplande openbare verkoop van 1936 zijn er 10 loten afgebakend: Lot 1 (natuur) =240 ha; Lot 2(bouw)=98 ha; Lot 3(bouw uitgez. Calmeynbos)= 212 ha; Lot 4 (watertoren)= 0,12 ha; Lot 5 = 78 ha; Lot 5,6,7,8,9,10 (Kerkepannebos + percelen waar nu nieuw voetbalveld) = 10 ha; totaal = 640 ha). Het plan gevoegd bij het KB van 1935 toont alleen lot 1 + 2 +3 = 550 ha van de 640 ha (dus niet Oosthoekduinen)
(voor detail opmetingsplan: zie één van de grote planbijlagen van het boek van Hans Berquin. Hierop staan ook de namen van een 100-tal aangrenzende eigenaars opgetekend)
Aanvullend: in het klasseringsbesluit stond ook een bouwbeperking. In de middelste zone (lot 2) mocht gebouwd worden op percelen van minimum 1.000 m2. Op het oostelijk gedeelte percelen van minimum 600 m2 (Lot 3).
Maar niettegenstaande dit REUZENcompromis sterk in het voordeel van de eigendom-onverdeeldheid Calmeyn, worden er na 1935 quasi geen terreinen verkocht werden in de “Grote Westhoek”. Dat hebben we te danken aan de oppositie van een aantal Calmeyn erfgenamen. Maar wegens interne onenigheid kon men enkel de volledige Westhoekduinen op de markt te brengen. Ook was een BPA verplicht en moest de verkavelaar de wegen en de nutsleidingen aanleggen. Wie wilde hiervoor geld op tafel te leggen?
Voordien was Alfred Orban, een van de vele mede-eigenaars, al in 1928 naar de rechtbank getrokken om de mede-eigenaars te verplichten om te verkopen . Dit was ook het jaar dat Alexis Dumont uitpakt met zijn ambitieus urbanisatieproject “Calmeyn Plage”.

Na veel gerechtelijk gedoe beslist de rechtbank uiteindelijk (wellicht in 1930?) dat de Calmeynduinen via een openbare verkoop MOETEN verkocht worden om uit onverdeeldheid te geraken. Lees details>>>
Maar de gemeente De Panne protesteert. Zij verwijzen hiervoor naar de hangende onteigeningsprocedure van 1913 voor de “Schuilhaven”. De individuele en persoonlijke belangen moeten wijken voor het algemeen belang: nl. de Schuilhaven (lees vorig artikel). Veel heibel hier rond heeft geleid tot aanzienlijke vertraging van de gerechtelijk geëiste openbare verkoop. Het grote verkavelingsplan met de zeer vele aangrenzende eigenaars is te vinden in bijlage van het boek van Hans Berquin. Daar ook meer tekst over de juridische afwikkeling. Het was gepland dat de 10 loten zouden openbaar aangeboden op 2 zitdagen in 1937 (zie bovenstaand plan)
Maar een gewiekst vermogend industrieel en zakenman, graaf de Launoit, onderhandelde met alle onverdeelde familie eigenaars. Hij slaagde erin met geld een aanzienlijk aantal eigenaars uit te kopen. (ongeveer 33 van de 46 zie groot stamboomplan in boek van Hans. (= 127/180 ste van de totale onverdeeldheid). Er resteren nog 13 mede-eigenaars die hun eigendom niet verkopen. Graaf de Launoit en architect Alexis Dumont richten samen een NV op “nv.Westhoek” (1939). Aldus werden alle 10 loten die voorzien waren voor de openbare verkoop ingebracht in de NV. Voordeel is dat mede-eigenaars geen eigendomsrecht meer hebben maar alleen maatschappelijk aandelen. Nu beslissen de mede-eigenaars niet meer maar de Raad van Bestuur aangeduid door de Algemene vergadering van de aandeelhouders. Dit is veel flexibeler omdat slechts een meerderheid van stemmen nodig is.
Dus in het interbellum hebben de erfgenamen van Bortier-Calmeyn quasi geen duinen verkocht en daardoor hebben wij nu zo’n schone “Groene Gordel”:
– VOORAL dank zij de “monsteronverdeeldheid”
– dank zij de hoge prijs die zij vroegen voor de Schuilhaven ten gevolge waarvan de onteigeningsprocedure gestart was.
– dank zij gerechtelijke bemoeienissen om de onverdeeldheid te forceren
– dank zij de vertraging van de openbare verkoop ingevolge protest van de gemeente
– dank zij de vertraging om uit de eigendomsonverdeeldheid te komen en een NV op te richten
Dank zij al deze complexiteit is het mooiste duinengebied van onze kust in de interbellum onaangeroerd gebleven. Nadeel was wel dat de toeristische expansie westwaarts stagneerde, maar oostwaarts was men straat per straat bezig de Ollevier-Houtsaegerduinen te urbaniseren. Deze duinen werden opgesplitst in een 100-tal kadasterpercelen en de toenadering van Baaltje tot De Panne zat in de “pipe-line” (zie de vele pijpekoppen van de straten aan beide grenzen).

2. Na de Tweede Wereldoorlog
Na de Tweede Wereldoorlog herstelde De Panne zich vrij snel van zijn oorlogsschade maar met de duinen ging het langzamer.
Gelukkig voor de duinen had de NV. Westhoek lood in zijn vleugels. Ze heeft meermaals geprobeerd om tot een volledige declassering van de 550 ha Westhoekduinen te komen. Een eerste poging geschiede in 1948. Men eiste het herstel door de Staat van alle oorlogsverwoestingen, opruiming van de bunkers , de aanleg van een brede staatsweg naar Frankrijk (een oude droom), een vliegveldje en een spooraansluiting juist achter het Calmeynbos met een station dichtbij het huidig rond punt van de Esplanade). Ook wilde men toelating voor villabouw in het Calmeynbos langs de baan naar Adinkerke. De gemeente had vooral schrik dat de NV. Westhoek het Calmeynbos langs de baan naar Adinkerke zou bebouwen met villa’s. Dat was mogelijk met het beschermingsbesluit van 1935 met kleine aanpassing in 1940. De mede-eigenaars deden hiervoor beroep op Alexis Dumont (de oudste zoon van de architect Albert Dumont die intussen ook mede-eigenaar geworden is). In 1950 wordt de NV Westhoek vereffend en alles terug in onverdeeldheid gebracht. De gemeente neemt zelf een initiatief om een BPA op te maken. Op dit plan was een nieuw aan te leggen brede ringweg die zou vertrekken aan de Koninklijke Baan, dwars door de Houtsaegerduinen pover de Veurnestraat , de Kerkstraat en dan een grote bocht vormen om aan te sluiten op de Duinkerkelaan (project Deleye van 1951. Vandaar dat de gemeente begin van de jaren 50 deze gronden geleidelijk wou aankopen, met toelagen, om dit bos te behouden als wandelgebied voor de inwoners en toeristen. Minister Huysmans antwoordde evenwel dat de bescherming strik behouden moet blijven. Het gevolg was dat vanaf 1950 (tot rond de jaren 70) het publiek de toegang tot ALLE Calmeynduinen ontzegd werd. (Westhoekduinen, Calmeynbos en ook Oosthoekduinen. In het bos werd ook gejaagd. Niet Ollevier-Houtsaegerduinen). (De spelende kinderen hielden zich maar gedeeltelijk aan dat verbod, maar hadden wel veel schrik om de boswachter Georges Tournez tegen te komen).
Alexis Dumont verzet zich hevig tegen het project ringweg en de nodige onteigeningen hiervoor Lees>>>
Rond de jaren 60 nam de Staat natuurbeschermingsmaatregelen (aankoop Westhoekreservaat in 1957) Het begrip “Groene Zone”komt in voege. Het maatschappelijk bewustzijn van het belang van natuurbescherming kwam voor het eerst volop op gang. Dit consolideerde zich in 1962 tot de officiële GEWESTPLANNEN. Zo werden veel duinen als “Natuurgebied” ingekleurd: Krakeelduinen, Calmeynbos, Oosthoekduinen, Ollevier-Houtsaegerduinen. De camping Zeepark wordt recreatiegebied, het huidige Zilt wordt bouwzone en een terrein hiertussen en de camping werd groenzone.
In 1964 wordt het BPA Calmeynbos door de gemeente gefinaliseerd zodanig dat er een bouwverbod op het bos komt (behalve voor waterwinningsinfrastructuur).
Vandaar dat in 1966 de watermaatschappij Aquaduin (vroeger IWVA) in de Krakeelduinen (52 ha) en het Calmeynbos-West (46 ha) opkocht om te exploiteren als waterwinningsgebied. Dus totaal een 100-tal ha (even groot als de Westhoekverkaveling een 10 tal jaren later aangelegd). De gemeente was dus nu gerust dat het Calmeynbos veilig was tegen bebouwing. De enige grotere uitbreiding in de jaren 60/70 (wanneer juist?) was de verkaveling ten zuiden van de Maskenslaan. In de nieuwe Calmeyn- Bosduif- en Fazantenlaan kwam vlak bij het bos een nieuwe verkaveling tot stand (ongeveer 6 ha).

Dus tijdens het 20 jaar naoorlogs burgermeesterschap van Oscar Gevaert veranderde er weinig tot in 1965 Raf Versteele verkozenen werd. Hij brengt terug dynamiek in het 30 jaar slapend beleid o.a. door het doorduwen van een BPA “A1 Westhoek” (1970) voor de nog resterende bebouwbare duinen van de “Grote Westhoek”
Deze geschiedenis wordt hier niet behandeld want buiten het Calmeynbos maar we verwijzen naar de uitgebreide artikelen hierboven.
Het BPA A1 WESTHOEK (NL)
In het noorden van de Oosthoekduinen, grenzend aan het Calmeynbos, werd een jeugdhotel gebouwd (“Blauwe Distel” waar nu J-Club en Flipper) en op de huidige plaats van het Provinciaal Bezoekerscentrum De Duinpanne werd een dancing met openluchtzwembad, l’Armorial, opgetrokken. Wat later wordt ook een tennisterrein naast dit complex geopend. De resterende duinen geraken staan onder toenemende recreatieve druk.
Bepaalde delen van de Oosthoekduinen waren tot ongeveer 1970 afgesloten voor het publiek en ontwikkelen daardoor mooie korstmosrijke mosduinen; nadien worden ze echter opengesteld en neemt de recreatie sterk toe. Medio de jaren 1970 wordt de sporthal gebouwd in de rand van de Oosthoekduinen. In de loop van de jaren 1980 koopt de gemeente het resterend deel van de Oosthoekduinen en het oostelijk deel van het Calmeynbos, die beide vrij toegankelijk worden gesteld.
Vanaf 1992 beginnen de discussies over de locatiemogelijkheden voor de oprichting van een natuureducatief centrum. In 1995 start de bouw van ‘de Nachtegaal’.
De Oosthoekduinen waren in 1999 onderwerp van het gelijknamig natuurinrichtingsproject dat opgestart werd door de Vlaamse landmaatschappij (VLM) en de toenmalige Afdeling Natuur (nu ANB). De inrichtingswerken vingen aan in het najaar van 2002 en werden beëindigd in 2005. Deze inrichtingen hadden quasi geen invloed op het Calmeynbos. De belangrijkste ingrepen waren ondermeer het afgraven en herinrichten van de akkers in de duin- polderovergangszone (aanleg van poelen en overstroombare depressies langs het Langgeleed, afdammen van grachten die afwateren op het Langgeleed en het omheinen van het gebied ten behoeve van de begrazing) herinrichting van het militaire COC-domein (Commando Operation Centre, sinds 1953 met ondermeer het inrichten van een bunker ten behoeve van vleermuizen en het verwijderen van allerhande constructies) en het herinrichten van de bestaande vijver, het kappen van dennen in en het gedeeltelijk ontstruwelen van de Oosthoekduinen s.s. inclusief de inrichting van een begrazingsblok.
Velen weten niet dat dank zij burgemeester Versteele het grootste gedeelte van het Calmeynbos-Oost en de Oosthoekduinen aangekocht werden door de gemeente. Sinds 1973, gekocht aan de Westhoekverkavelaars voor 78,5 MBEF. Hiervoor heeft Versteele een staatssubsidie gekregen van 46,6 MBEF). . (de verkopers, de Westhoekverkavelaars, hebben deze gelden gebruikt om de infrastructuurwerken en de nutsleidingen verder te financieren in hun Westhoekverkaveling). Indien burgemeester Versteele niet veroordeeld was en er dus geen politieke heibel ontstaan was rond zijn persoon, dan zouden zekerlijk ook de Houtsaegerduinen aangekocht geweest zijn door de gemeente (met 50 % subsidie). Dit zou niet bedoeld geweest zijn om te verkavelen maar wel als “groene zone” om de grote “Groene Gordel” rond De Panne te sluiten. Deze duinen zouden dan nu zeker openstaan voor het publiek en men zou via mooie paden kunnen wandelen van De Panne naar Baaldtje (vb Delvaux museum) en andersom. Geen lastige wandeling.
Verder heeft hij het ook kunnen klaarspelen dat de onverdeeldheid van de Westhoek afstand gedaan heeft aan de gemeente van belangrijke gronden zoals het strand zelf (dat privé eigendom Bortier-Calmeyn was) en de zone tussen het strand en de gevels van de eerste gebouwen aan het strand. Dit is nu een mooie natuurzone, eigendom van de gemeente, waar eventueel toestemming kan gekregen worden om een wandelpad in te richten // de tijdelijke dijk van het monument Leopold I tot aan het vissersdorp. Ook in de verkaveling zelf heeft de gemeente nog mooie stukken grond in eigendom gekregen ingekleurd in het BPA als zones voor “openbaar nut” (vb eventueel parking, casino,;…). Deze laatste opportuniteiten zijn blijven liggen en kunnen nu niet meer ingevolge het DUINENDECREET van 1993. Ook het “recreatiepark Langeleed-De Panne” aan het Artiestenpad is blijven liggen.
3. De persoon Maurice Calmeyn (°1863-†1934)
Hierover heeft DE BLIEDEMAKER reeds veel geschreven
– Zijn activiteiten in De Panne en zijn betrokkenheid in de lokale politiek Lees>>>
– Zijn 2 jachtexpedities in de Congo Lees>>>
4. Besluit
Het Calmeynbos is in 2023 120 jaar geleden aangeplant door de fascinerende figuur Maurice Calmeyn. Deze man heeft zich, zeker sinds de afsplitsing van De Panne van Adinkerke in 1911, goed geintegreerd in onze gemeente. Hij is erin geslaagd de verkavelingsdrang van zijn familie Bortier-Calmeyn tegen te houden. Gelukkig waren deze talrijke erfgenamen in een reusachtige monsteronverdeeldheid gewikkeld zodat het bos niet verkaveld geraakte nog juist vóór de Tweede Wereldoorlog.
Na deze oorlog hadden we een tweede geluk: nl. de aankoop in 1966 door de watermaatschappij IWVA (nu Aquaduin) voor het gedeelte kant Westhoekreservaat en door burgemeester Raf Versteele voor het gedeelte kant Oosthoek (met geld van de Westhoekverkaveling).
Materie genoeg om rond het thema “120 jaar Calmeynbos” een expo in te richten.
Wat mogen we tevreden zijn dat dit bos niet verkaveld werd!
LEVE DE PANNE
Ik heb nu de vier artikels gelezen betreffende het Calmeynbos. Heel interessant en een opsteker voor De Panne.
mooie historiek van onze duinengordel EN deskundig toegelicht na uitgebreid opzoekingswerk; chapeau
Hoop je nog 120 jaar te kunnen lezen . Nogmaals dank voor de opzoekingen .
Zeer interessant Dank U !
Germain
Bedankt, interessant
Weer een boeiende artikelenreeks! Het is een moeizame strijd om iets te behouden van ons prachtige duinenlandschap. Laat ons nu inzetten om de Zeeparkduinen te redden, of zijn deze al verloren?
We weten niets over de interne discussies van ANB met de investeerders. Geheim! In ieder geval zal deze vertraging de financiële rentabiliteit van het project serieus in het gedrang brengen. Hoelang kunnen ze het nog volhouden?
Zoals steeds, interessante artikels José , aansluitend bij het onderwerp van een vorige reactie : nu nog de Zeeparkduinen redden en laten herstellen en de groene cirkel rond De Panne is … rond!
Geen nieuws over de evolutie van het Zeeparkdossier. Mijn enige info dateert over het openbaar onderzoek van het GRUP uit 2016. https://debliedemaker.wordpress.com/2016/07/08/camping-zeepark-evolueert-naar-openlucht-recreatieve-verblijven-vervolg/
Dit stond op de agenda van het schepencollege van De Panne van 6/2 :
Uitnodiging minister Demir. Kennisname.
Burgemeester Bram Degrieck nodigt minister van Omgeving Demir uit om twee dossiers in detail te bespreken: het Grup Zeepark en de Omleidingsweg.
Ah, goed initiatief. Hopelijk komt ze. Ze kent goed de streek o.a. ingevolge haar huwelijk.
Zoals altijd proficiat José voor je prachtige zoekwerk. Hopelijk kan je de Zeepark duinen uit het slop trekken.
Een prachtig werk over het Calmeynbos, José. Ik hoop dat de Groene Gordel zijn voltooiing mag krijgen met de Zeeparkduinen…. als beleggers en projectontwikkelaars nog steeds denken dat we in het antropoceen leven, dan lopen ze achter…. het tijdperk van het Symbioceen is namelijk al enkele jaren aangebroken , volgens de Australische milieufilosoof Glenn Albrecht.
Het Symbioceen (van het Griekse woord sumbiose, of gezelschap) is een door milieufilosoof Glenn Albrecht voorgesteld tijdperk waarin mens, natuur en technologie samen een nieuwe balans creëren. Dit tijdperk zou kunnen volgen na het einde van het Antropoceen, het tijdperk waarin de aanzienlijke menselijke impact op de geologie en het ecosysteem van de aarde centraal staat… en dus ook van de zeereepduinen van De Panne.