
Gisteren 1 juni was het juist 86 jaar geleden dat De Panne door de Duitsers werd veroverd. Een zeer zwarte dag. TIJDENS DIE PAAR DAGEN VOOR 1 JUNI 1940 TIJDENS “SLAG OM HET STRAND VAN DE PANNE” ZIJN NAAR SCHATTING ONGEVEER EEN 500 tal MENSEN GESTORVEN (burgers+soldaten, zonder de weggevoerde Duitsers bij te rekenen).
Nog een Engelse reportage met Lord Gort en Montgomery (op het einde)
De toespraak van prof Luc De Vos “De Panne en operatie Dynamo” tijdens de huldiging in De Panne in 2015 (mag verdeeld worden)
“…Nu exact 75 jaar geleden was De Panne, samen met andere kuststeden, het toneel van de grootste maritieme noodevacuatie van troepen, operatie Dynamo. Hoe is het zover kunnen komen ?
Na de ongestrafte agressies tegen Oostenrijk en Tsjecho – Slowakije brak begin september 1939 de Tweede Wereldoorlog uit toen Duitsland ook Polen binnenviel. Meteen verklaarden het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk de oorlog. Toen op 17 september de Sovjet-Unie Polen in de rug aanviel, was de strijd gestreden. Het gigantische Franse leger en het Britse beroepsleger bleven, op een paar schermutselingen na, aan de Duitse grens staan. België beriep zich ondertussen op zijn zelfgekozen gewapende neutraliteit die gegarandeerd was door Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk.
Op 10 mei 1940, na de winter, opende het Derde Rijk met een paar meesterzetten de strijd in het Westen. Een spectaculaire luchtvervoerde actie tegen Vesting Holland en vooral de verovering van het fort van Eben- Emael en twee bruggen over het Albertkanaal overtuigden Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk dat er een herhaling in de maak was van de Eerste Wereldoorlog. Maar in werkelijkheid waren dit afleidingsmanoeuvres en geschiedde de hoofdaanval doorheen de Belgische Ardennen. Op 13 mei werd het front te Dinant en Sedan doorbroken en volgde de snelle opmars naar de Kanaalhavens Calais, Boulogne en Duinkerke.
Ondertussen trok het BEF zich van zijn stellingen langs de Dijle tussen Leuven en Waver terug. Een tegenaanval op de oprukkende Duitse pantserspitsen in de streek van Arras bracht een beetje soelaas maar zorgde vooral voor grote verwarring bij de Duitse legerleiding.
Op 24 mei na discussies tussen aan de ene kant de generaals Guderian, Brauchitsch en Halder en aan de andere kant Rundstedt en Göring, waarbij Hitler de zijde koos van de laatsten, volgde het Halt- Befehl. De Duitse pantsers hielden halt en wachtten op het aansluiten van de infanterie. Toch viel Boulogne nog op 25 mei. Op 26 mei werd de aanval voorzichtig hervat en gaf Calais de dag daarop zich over. Ondertussen vochten de Belgen wanhopig aan de Leie en het Afwateringskanaal.
Al op 16 mei 1940 dacht Churchill, sinds 10 mei eerste minister, eraan om de Britse troepen te redden. Op 24 mei volgde dan de politieke beslissing. De Admiraliteit gaf op 26 mei het uitvoeringsbevel. Men hoopte zo in 48 uur 45000 manschappen, vooral officieren en onderofficieren, te kunnen evacueren. Zij moesten dan samen met vele vrijwilligers het eilandenrijk beschermen tegen een invasie.
In de nacht van 17 op 18 mei was het Belgisch leger, net zoals in 1914, begonnen met de onderwaterzetting van het IJzerbekken. Op 18 mei lieten de Fransen het waterpeil in de kanalen rond Duinkerke stijgen. Op 21 en 22 mei organiseerden zij een inundatie in de streek van Grevelingen, Watten en St.-Winoksbergen. De Franse Moeren kwamen onder water te staan. De Belgen vrijwaarden de onderwaterzetting van hun deel van de Moeren. Na de Belgische capitulatie zouden de ladingen onder de bruggen van de IJzer, in samenwerking met de Britten, tot ontploffing gebracht worden.
Ondertussen was de evacuatie vanuit de haven van Duinkerke gestart. Al snel beperkte men zich tot de in zee stekende pieren. Voor de evacuatie werden Britse, Franse, Nederlandse en ook Belgische schepen ingezet. Door de inname van Calais vielen de schepen onder het Duitse kanonvuur van op de kust en diende men voortaan een omweg te maken doorheen mijnenvelden en zandbanken. Gelukkig was het weer tussen 26 mei en 4 juni in de Kanaalzone slecht. De zware regenval en het lage wolkendek beperkten de operaties van de Luftwaffe. Door de nabijheid van hun basissen konden de Britten, niettegenstaande hun kleiner aantal toestellen, meer vliegtuigen boven het slagveld inzetten. Eenzelfde piloot kon immers tot vier sorties per dag uitvoeren. De Britse lucht aanvallen in het binnenland vertraagden de Duitse opmars en vooral het sturen van versterkingen.
Op 28 mei 1940 verhuisde lord Gort, bevelhebber van het BEF, zijn hoofdkwartier naar het gemeentehuis van De Panne, toen Zeelaan 16-18. Van daar had hij via het postkantoor een rechtstreekse aansluiting op de onderzeese telefoonkabel. Ook Montgomery, toen commandant van de 3de Divisie, installeerde zich in De Panne in een gebouw aan de huidige Esplanade. Ook hij sloot zich aan op de onderzeese telefoonkabel. Samen met de 4de Divisie moest zijn eenheid de sector Nieuwpoort – Veurne – St. Winoksbergen verdedigen. Op 30 mei werd hij tijdelijk commandant van het 2de Corps en verantwoordelijk voor de hele oostelijke sector. Ondertussen beschoot de Duitse artillerie De Panne en doodde en verwondde inwoners, vluchtelingen en militairen. Net zoals in de Eerste Wereldoorlog werd L’Océan opnieuw in gebruik genomen als hospitaal. Met rijen vrachtwagens bouwden de Britten verschillende pieren op het strand van De Panne. Daarover stapten de soldaten naar kleine boten die hen dan naar grotere schepen brachten. Dit waren natuurlijk gemakkelijke doelwitten.

Op 30 mei verliet lord Gort het gemeentehuis. Op 31 mei werd De Panne zwaar beschoten. De kerken van Adinkerke en De Panne werden erg beschadigd. Burgers en militairen werden gewond en gedood. 53 Britten werden in Adinkerke begraven en 243 in De Panne.
Op 1 juni startte de inscheping van de 6 000 man achterhoede van het 2de Corps (3, 4, 5 en 50ste Divisie). Om 10 uur veroverden de Duitsers Adinkerke. Daarop gaf de burgemeester, Leon Demailly in gezelschap van politiecommissaris Dekeukelaere, de stad over. Om 14.30 uur kwamen de Duitsers aan het strand in De Panne. Toch werd het gemeentehuis op 2 juni nog getroffen door een Duits projectiel.
Op 1 juni werd nog 14 km kust tussen Duinkerke en De Panne gecontroleerd door de geallieerden. Op 2 juni trok Hitler de Luftwaffe terug. Op 3 juni was de kuststrook die in geallieerde handen was rond Duinkerke gereduceerd tot 1,5 km. Op 4 juni om 3.20 uur verliet het laatste schip, de torpedobootjager Shikari, Duinkerke.
338 226 militairen, waarvan 139 911 niet -Britten hadden Engeland bereikt. Bijna alle Fransen zouden na de capitulatie van hun land terugkeren naar het Continent. Twee derden van de geëvacueerden waren vertrokken vanuit de haven van Duinkerke, één derde van op de stranden. De Britse verliezen waren groot. 68 111 man van het BEF waren gesneuveld of krijgsgevangen, 243 schepen en 106 vliegtuigen gingen verloren. 2 472 kanonnen, 63 879 voertuigen, 76 000 ton munitie en 500 000 ton brandstof en proviand had men moeten achterlaten. De Panne stond vol Brits materieel. 40 000 Fransen gaven zich over rond Duinkerke.
Ook een aantal Belgische militairen was vanuit de Westkust naar Engeland getrokken. Zo vertrok het Luikse socialistische kamerlid ,tevens reserveluitenant, Georges Truffaut samen met reserveluitenant Gaston Dieu, de latere baas van Sabena, op 30 mei vanuit Nieuwpoort. Zo’n 10 000 man werden geëvacueerd met Belgische schepen. Daarbij gingen 4 schepen verloren.
De historische redevoering die de Britse premier, Winston Churchill, op 4 juni 1940 in de namiddag uitsprak, vatte de Britse houding goed samen : “Wij zullen doorzetten tot het einde… Wij zullen ons eiland verdedigen… Wij zullen ons nimmer overgeven…”. De redding van zoveel goed opgeleide militairen zou later de kern uitmaken van het massaleger dat zo’n grote rol speelde bij de bevrijding in 1944.
Operatie Dynamo heeft officieel 9 dagen geduurd, maar blijft verder leven in de geschiedenis.
Luc De Vos
Emeritus gewoon hoogleraar Koninklijke Militaire School en KULeuven.

Op facebook 2026: Wim Janssens – Burgemeester van De Panne