De Dumontwijk

Scan 1Dumont créateur de la plage“. Zo staat het op het monumentje ter ere van Albert Dumont in de Dumontlaan, opgericht door “ses amis et ses admirateurs“. Klopt dat? In dit artikel proberen we de ideeën van Albert Dumont over deze verkaveling weer te geven en te tonen dat tot het einde van zijn leven Albert Dumont een beschermer van de duinen is geworden en één van de voorvechters geweest is voor het verplichten van officiële ruimtelijke plannen nu GRUP’s genoemd(=Gemeentelijk Ruimtelijk UitvoeringsPlan). Immers wegens gebrek aan officieel plan is de indeling van de  bouwkavels niet verlopen zoals hij voorgesteld had en de latere verkaveling tussen de Witteberglaan en de Duinkerkelaan is ook sterk gewijzigd t.o.v. zijn oorspronkelijk plan. (dan ook reeds druk van de immobilia?)

De urbanisatie is gestart in 1892 met de aanleg van de Zeelaan. (amper een goede 100 jaar geleden!!). Deze majestueuze weg van 22 m breed waarvan 3,5 m geplaveid werden met kasseistenen heeft Pedro Ollevier betaald door het ganse gebied van 20ha tussen de Zeelaan en de grens met het terrein van Bortier te schenken aan zijn aannemer Bonzel uit Lille. Ook was inbegrepen een Zeedijk van 22 m + 5m terrassen te nivelleren evenals de dwarsstraten (“rampen” genoemd) van 16 m voorzien en de Duinkerkelaan en de Nieuwpoortlaan (18m) waarvan het eerste blok ook bestraat werd. De aldus 11 ontstane blokken van 100×45 m werden onder de 2 eigenaars ,Bonzel en Ollevier, afwisselend verdeeld als bouwgrond (op uitzondering van het eerste perceel
van ten oosten van de Zeelaan (nu Albert I) welke Ollevier wou bouwvrij houden om later een monumentale casino of iets dergelijks op te richten). De eerste blok aan de “Mont Blanc” was van Ollevier, het tweede van Bonzel (waar de eerste casino zou komen), het derde terug aan Ollevier enz.. Zo behield Ollevier nog wat greep op de urbanisatie van Bonzel. Van iedere blok van 100m moet nog een zijstraat van 16m afgetrokken worden zodat alle verkavelingsblokken precies 84 m bedragen. Dumont had voorzien om elke blok in 10 percelen te verdelen: dus iedere gevel 8,4 m. Ongelukkiglijk hebben achteraf de grondeigenaars meer percelen willen maken en zijn vele nu slechts 5 à 6 m breed. Het was ook de bedoeling om de hoekhuizen van torentjes te voorzien. Achteraf hebben ook de grondeigenaars 2 zijstraten bijgemaakt: nl Suzanneweg (om de casino te scheiden) en de Ankerweg.

De aanleg van de Zeelaan in 8 maanden was het startsignaal voor de verdere urbanistische ontplooiing van de badplaats. (Voor de volledige stratenaanleg van die straten heeft Bonzel 9 jaar nodig gehad)…”

Het project Dumontwijk was dus een privé initiatief die de start gegeven heeft voor de toeristische ontwikkeling van De Panne plage (of “De Panne Bad”). Dergelijke projecten waren al vroeger bezig in de ander badplaatsen. Daar ook hebben immobilia maatschappijen een befaamde architect als urbanisator onder de arm genomen die zijn naam zal geven aan de wijk: E. Colinet in De Haan, O. Van Rysselberghe in Westende, J. Strübben in Duinbergen, B. Crombez in Nieuwpoort. In De Panne is het Albert Dumont (1853 – 1920) en Georges Hobé ( 1854-1936) die aangesproken worden om de urbanisatie van de verkaveling uit te werken en te zorgen dat met hun befaamdheid de nieuwe badplaats prestige heeft. Albert Dumont had reeds ervaring met dergelijke urbanisatieprojecten (o.a. globaal project te Middelkerke). Hij heeft zich laten inspireren door de tuinwijkgedachte in Engeland en heeft een stratenpatroon uitgewerkt dat het natuurlijk duinenreliëf volgt en mooi aansluit op de reeds bestaande villablokken van de zeedijk. Het oorspronkelijk Engels sociaal basisprincipe heeft hier wel plaats moeten ruimen voor een elitair en speculatieve vorm van vakantieverblijf. Kenmerkend voor deze pittoreske urbanisatie was de inplanting, met respect voor het natuurlijke duinenreliëf, van een nieuwe woonvorm, de landelijke cottage. Ook Georges Hobé heeft veel bijgedragen tot dit project. In 1901 is hij directeur geworden van de eerste paardetrammaatschappij tussen Adinkerke en De Panne en in 1918 gemeente architect.
Zo heeft de gemeente eindelijk ook iets te zeggen gekregen in die autonome pivéverkaveling…”

Deze charmante tuinwijk was en is nog steeds een waardig alternatief ten opzichte van de stedelijk commerciële assen van Zeelaan-Duinkerkelaan-Nieuwpoortlaan. De zuidelijk flank van de parabool duinen heeft hij behouden voor afzonderlijke villabouw (5) op de duintoppen (soort amfitheater). In een eerste project had Louis Ollevier voorzien om de zeelaan loodrecht naar het strand te bouwen. Men zou vertrekken van het kruispunt Adinkerkelaan-Veurnestraat en dan de duinen doorkruisen waar nu de Hogeduinenlaan om aldus ter hoogte van hotel Iris op de zeedijk uit te komen. Uiteindelijk werd gekozen voor een tracé ACHTER de duinen (vanaf het latere kruispunt Kerkstraat-Veurnestraat. Nu is iedereen trots dat we in De Panne een mooie gebogen Zeelaan hebben met veel minder wind vanuit zee dan in de andere kustplaatsen. De duin van het noordelijk gedeelte van de paraboolduin heeft hij genivelleerd voor aaneengesloten bebouwing dicht bij het strand. (vandaar hoog gelegen zeedijk waar geen golfbrekers en geen dijkconstructie nodig gebleken is). Daartussen bevindt zich de “panne” die zoals bij alle parabool duin formaties uitgeblazen is tot het “nat” zand (=grondwater niveau).

Ook het intern stratenpatroon heeft hij ontworpen volgens 4 verschillende zones (foto 2 ). Zone 1: brede zijstraten (“rampen”) van 16 m tussen Zeedijk en Duinkerkelaan voorzien voor aaneengesloten bebouwing. De “mont blanc” (eigendom van Bortier-Calmeyn) vormt het monumentale eindpunt van de Zeedijk die de hoofdboulevard is van het ganse project. (niet de Zeelaan). Dat was ook zo voor de Duinkerkelaan. Het is pas in 1922 dat er aan aanpassing gekomen is aan het urbanisatieplan om te voorkomen dat bij het doortrekken van deze weg een scherpe bocht zou gevormd worden om de “mont blanc” heen. Vanaf de Visserslaan werd besloten om de diepte van het eerste perceel geleidelijk aan te passen. Ook de diepte van de percelen van zeeblok 1 werden progressief verbreed tot 50 m om zo de Duinkerkelaan rond de “mont blanc” te krijgen. Dit is niet de enige wijziging in het oorspronkelijk voorzien stratenplan.Later werden volgende “sentiertjes” toegevoegd die heel goed passen in het verkavelingsplan: konijnenweg; korte konijnenweg en zeekruisdoornweg.
Op de Zeedijk worden de elitaire aaneengesloten villa’s gebouwd in contrast tegenover de wilde natuur van de zee. Dat wordt de chique “boulevard” van de badplaats waar de eerste hotels komen en een casino, hart van de badplaats, tempel van spel, cultuur en ontspanning. Men wilde hier een soort “ville à la mer” waar het aangenaam was te wandelen, elkaar te ontmoeten en te kijken naar het gevarieerd en theatraal spektakel van de fantasie volle villa’s in alle mogelijke stijlen. In tegenstelling tot de woningbouw in de steden is het verschil hier de ontsluiting naar de zee. Meestal een overdekt terras met directe toegang naar de living. (niet breed genoeg voor een trap zaal). Ook terrassen of loggia’s op de verdiepingen voor maximaal zeezicht. Zone 2: afgegraven noordelijke arm van de parabool duin: voor luxe villa bouw met rechte, brede straten. (uitgezonderd Koning Albertpleintje waar aaneen bouw voorzien werd). Dit is de overgangszone tussen aaneengesloten-cottagestijl en alleenstaande cottages. . Zone3: de eigenlijke lager gelegen “panne”. Zone 4: de zuidelijke hoge flank van de parabool duin waar het anti-stad concept en de natuur primordiaal zijn. Hier werd het reliëf 100 % gerespecteerd en toegang via kleine wegjes (de oorspronkelijke sluip wegjes).3

Er is dus een goed bestudeerde overgang van het “organisch” stratenpatroon in het duinengedeelte naar het “geometrisch” stratenpatroon aan de zeedijk, wat de verkaveling zo schilderachtig maakt. De straten zijn precies riviertjes die ontstaan op de hoge duinen en uitmonden in de zee via 3 oorspronkelijke zijstraten aan de zeedijk. De straatjes in het cottage gedeelte waren ALLE wandelstraten met alleen het middelste deel verhard en afgesloten door uitneembare witte ijzeren paaltjes met rode kop. Het verharde deel van de Visserslaan bijvoorbeeld was amper de breedte van 1 auto. Tussen de weg in het midden en de perceelsafsluitingen stonden lage struiken. Op het oorspronkelijk verkavelingsplan van A. Dumont (in hall Donny hotel- kopie zie hiernaast) kun je ook zijn opvatting zien over de perceels invulling. In tegenstelling tot het straten concept werd dit door de grondeigenaars sterk gewijzigd.
Men heeft herverkaveld naar kleinere percelen op uitzondering van de 4 duintoppen waar omgekeerd groepering naar grote percelen gebeurd is. Zo was bijvoorbeeld ook de Zeelaan tussen de Kykhillweg en de Thiriarweg (het huidige gemeentepark) oorspronkelijk verkaveld voor aaneengesloten huizen. 
De verkaveling bestond dus uit duidelijk 2 zones: één met aaneengesloten “urbane-cottage” stijl en één met afzonderlijke “cottages”. Dumont had grondig bestudeerd hoe die zones in elkander moesten overgaan. Hij wilde de 3 penetraties van de zeedijk stijl doortrekken tot in het villagedeelte:
1. de square Bonzel (nu Albertplein): vanaf de dijk tot het einde van het plein aan weerszijden kleine pittoreske aaneengesloten villaatje met op het einde van het plein 2 grote percelen bedoeld voor majestueuze villa’s om de toerist van de dijk in de verkaveling te lokken (nu nog pension Martha (huidige Chien Vert). Dit pleintje zelf was ingericht als parkje waar ook de kinderen konden spelen.
2. de rue des oyats (nu verkeerd vertaald naar Halmenstraat): juist naast het vroegere casino. Dit was een zeer rijke straat met als apotheose op het einde het complex “bouquet des dunes”. Ook hier voorzag hij aanvankelijk ook een stukje aaneen bouw in de halmenstraat kant duinkerkelaan. Later is dit geëvolueerd naar 2 schitterende villa’s “le chantecler” (nu “immo De Panne”) en “tennis” die als het ware de poort van de straat vormden om wandelaars aan te lokken.
3. de driehoek: visserslaan, hogeduinenlaan, bortierlaan zou een zeer open cottage zone worden met slecht 5 percelen met majestueuze villa’s (nu 13).. Dumont zelf heeft er op de ereplaats met zicht op zee (nu hotel Iris) zijn grote villa gebouwd “l’oiseau bleu” (inderdaad houtwerk was lichtblauw geschilderd volgens het familie embleem). Aan de andere zijden van de hogeduinenlaan en de visserslaan waren ook 4 aaneenbouwperselen voorzien ook als overgang tussen zeedijk en cottage wijk.5

Dumont had duidelijk 3 poort effecten voorzien vanaf de Zeedijk naar zijn villawijk. In tegenstelling tot de zeedijk was de zeelaan was voor hem niet belangrijk. Het centrum van de zeedijk was ter hoogte van Rue Bonzel (nu Albertpleintje) met mooie inkijk naar het park pleintje. Hopelijk zal het ontwerp van de nieuwe zeedijk van De Panne proberen die 3 wandel ingangen in ere te herstellen.
Ook de driehoek zeelaan, dumontlaan, bortierlaan (waar nu de Onze Lieve Vrouw kerk was in de ogen van de vrijzinnige Dumont niet voorzien als kerk maar als een driehoek met grote percelen in een diepte om de inkijk naar de wijk mogelijk te maken en de monotonie van de aaneen bouw in de Zeelaan te breken. Het is nu nog altijd een open plaats in de Zeelaan met mogelijkheden. Ook om die reden was de hoek Dumontlaan-Bortierstraat was voorzien voor open bebouwing tot het Albertpleintje. Ook in de andere zijstraten van de zeelaan werden meer aaneengesloten verbouwing toegelaten (begin bortierlaan, visserslaan en kykhillweg). Daardoor kunnen de villa’s niet meer gezien worden vanaf de zeelaan.
In 1892 werd de bebouwing van deze verkaveling van 20 ha gestart en op het plan van Alexis Dumont zien wij dat in 1904 het grootste gedeelte van die verkaveling al volbouwd is). Zoals hierboven vermeld is het stratenplan nog steeds vrij goed bewaard. Alleen de perceelsinvulling is eerder gebeurd door promotoren dan volgens zijn eigen ideeen.4

Op 11 januari 1906 heeft de gemeenteraad van Adinkerke, op vraag van Albert Dumont, en kleine uitbreiding van de badplaats richting Frankrijk goedgekeurd op de gronden van Bortier-Calmeyn. (zie hierboven)

Deze uitbreiding kaderde in een reusachtige uitbreiding van De Panne tot aan de grens rond de nieuwe schuilhaven ontworpen door de staat.. Bemerk dat in die nieuwe verkaveling A. Dumont GEEN aaneengesloten bebouwing meer wou aan het strand. Wel een mooie wandelboulevard tot Frankrijk. De tram liep door naar Bray-Dunes maar  er was geen verkeersweg voor auto’s over de grens heen. De vissershaven was voorzien voor 500 boten en achter de vismijn (met visverwerkende industrie + woonzone) was een stevige weg- en spoorverbinding met het achterland.
De Dumontlaan is breder dan de Bortierlaan zodat daar de tram kan rijden.
De Mont Blanc blijft, maar men zal er urbaine cotages op bouwen. (verzoening tussen  behoud reliëf en speculatie). Enerzijds wordt deze duin het middelpunt van de verkaveling in amfitheater vorm en anderzijds vormt het een uitstekende “landmark” voor zowel het einde van de Zeedijk als van de Duinkerkelaan.

De hoofdstraten worden getekend als symmetrie op de bestaande verkaveling volgens de vroegere verkavelingsgrens . Ernest d’Arripelaan spiegelbeeld van Visserslaan en Witteberglaan spiegelbeeld van de Hoge duinenlaan (zie tekeninghierboven ). Het kleine wegenpatroon voorgesteld door Dumont tussen de Duinkerkelaan en de Witteberglaan was schitterend maar werd niet aldus uitgevoerd. Spijtig!!

In 1934 is er nog een poging van Alexis Dumont (de oudste van de 13 zonen van Albert Dumont) voor een monumentale uitbreiding “Calmeyn Plage” 

Uiteindelijk wordt het de Westhoek LEES>>

PANNESPROKKELS:(wordt permanent bijgewerkt)

– Tijdens  de laatste gemeenteraad is de samenstelling van de nieuwe GECORO goedgekeurd in besloten zitting(Voorzitter: Eddy Deboyser, 2 deskundigen: Frederic Delrive en dochter van D’Haveloze (werkt op Ruimtelijke Ordening Koksijde); maatschappelijke geledingen: Cultuur: Yves Vanthuyne; VOKA: aannemer Braet; bewonersplatformen: Els Torreele; landbouwers: Filiep Huysentruyt; vakbonden:?; Horeca:? UNIZO:?..). 

– “groene stroom is bijna altijd nep”: Diverse electriciteitsleveranciers kopen hun stroom op de internationale markt en op de spotmarkt. Veelal is dat geen “groene stroom” maar dit valt op te lossen door per MWh ergens “Garantie van Oorsprong” op te kopen (vb overschot aan hydro-elektrische energie in Noorwegen). Dan kunnen ze hun “niet groene energie” of “grijze energie” verkopen als echte “groene energie”. De marktprijs van deze “Garanties van Oorsrong” is erg gedaald. Daartegenover ontvangen ze een federale korting voor levering van “groene energie” die veelvoud hoger was dan de kostprijs van de buitenlandse “Garanties van Oorsprong”. Dus “vergroening” van kernenergie en fossiele brandstofaankopen kon de verkoopprijs doen dalen. Sinds nieuwjaar 2013 is die onterechte federale korting afgeschaft. Vandaar dat men het nu moeilijk heeft om te concurreren met valse “groene stroom” met Electrabel, die nooit deze praktijken toegepast heeft. Dan moet je ook opmerken dat de meeste van die E-verkopers Hollanders zijn. Vergroening blijft nog altijd mogelijk maar nu zonder federale subsidie. (bron: De Tijd van 14 mei)

Door deze buitenlandse aankoop van goedkope  “groene stroom certificaten” zitten de Vlaamse distributiemaatschappijen Eandis en Infrax met een grote kater. Zij hebben immers voor 700 miljoen euro certificaten opgekocht van burgers die zonne-energie produceerden. Zij krijgen die berg certificaten niet verkocht. Wie zal dat betalen? De gemeenten of verbruikers.

– Zaterdag (18/05) verwelkomen de Pannevissers samen met  hunNoord-Franse buren het zeilschip ‘Collective Spirit’ in De Panne.

CC_De_Panne

Onbekend's avatar

Over DE BLIEDEMAKER

"Teruggespoelde" echte Pannenoar sinds 1993. Vroeger burgerlijk ingenieur bij ELECTRABEL, later zelfstandig natuurgids. Het e-mail krantje DE BLIEDEMAKER is gestart in september 2005
Dit bericht is geplaatst in Varia. Bookmark de permalink.

4 reacties op De Dumontwijk

  1. Godfried Onraedt's avatar Godfried Onraedt schreef:

    Met respect hebben wij de studie van José over de Dumontwijk gelezen, alsook de link naar het ontstaan van de Westhoekverkaveling in 1970. Vele zaken welke wij niet wisten, geschiedenis kan boeiend zijn, zéker als ter illustratie de originele plannen erbij worden geplaatst. Mooi studiewerk!

  2. Rudy Kenis's avatar Rudy Kenis schreef:

    Prachtig! Ik ben er weer heel wat wijzer van geworden!

  3. mylle guido's avatar mylle guido schreef:

    MOOI::::::MOOI

  4. Bouvie Rudolphe's avatar Bouvie Rudolphe schreef:

    mooi artikel, we leren alle dagen bij

Laat een reactie achter bij Rudy KenisReactie annuleren